Beelden (1169)



Een privé-vervoers-chipkaart


Aan: ministerie van Infrastructuur en Milieu

Brief bestemd voor Mevrouw Schulz van Haegen-Maas


Geachte Mevrouw,

Ik neem de vrijheid om U een bij mij ontstaan idee toe te sturen.

DUNKY

De eenvoud zelve met deze privé-vervoers-chipkaart.
      Binnen een paar jaar had het openbaar vervoer het geregeld: betalen met de OV-chipkaart. Geen gezeur meer met de kaartjes in bus, tram, metro en trein. Het loopt allemaal nagenoeg gesmeerd. Contant geld wordt zo vermeden.
      Dit gaan we ook doen met het privévervoer. Er komt een privé-vervoers-chipkaart. Daarmee betaal je bij elk brandstof station. Je tankt en binnen houd je je chipkaart voor een paal en klaar is kees. Oplaadpunten zijn overal te vinden.

Contant betalen voor brandstof is verleden tijd.

Is dit eenmaal geregeld dan doet zich de volgende fantastische mogelijkheid voor. De eenvoudige inning van verkeersboetes. Ieder jaar worden er in Nederland 3,7 miljoen brieven verstuurd met de opgave van een verkeersboete. Dit kost een hoop geld, die brieven en de aanmaningen etc. Dat kan allemaal achterwege blijven, want we gaan die verkeersboetes innen via de brandstof pompen. Krijg je een boete, dan gaat je brandstof prijs omhoog aan de pomp. Net zolang totdat die boete betaald is! De brandstofdistributeurs sturen de aldus geinde geldboetes door naar Justitie. Dit gaat allemaal automatisch.

En dan doet zich dus ook dit nog voor: er kunnen beloningen worden uitgedeeld. Rijd je gedurende een vooraf ingestelde periode zonder enige verkeersovertreding dan krijg je een beloning. Je brandstofprijs wordt verlaagd. Justitie betaalt de pomphouders hiervoor.

 Naam van de kaart: DUNKY.

Dit is dus het idee. Natuurlijk zijn er haken en ogen. Ernstige overtredingen vallen hier buiten. Tanken met een kaart van een ander wordt tegen gegaan door de kaart te koppelen aan bijvoorbeeld het Burgerservicenummer. Bij niet op tijd tanken komt er alsnog een brief met de boete die hierdoor verdubbeld is.

Hoogachtend

Peter Flik, photosooph te Hongarije

 

 

 

 

Een eerste antwoord:

Geachte heer Flik,

Hieronder volgt een reactie op uw e-mail, waarin u de Dunky onder de aandacht brengt. Een kaart om contactloos brandstof, maar ook verkeersboetes mee te innen.

Wij danken u voor de moeite die u heeft genomen om uw mening onder de aandacht te brengen. We hebben uw e-mail ter informatie doorgestuurd naar het ministerie van Infrastructuur en Milieu en het ministerie van Veiligheid en Justitite. Indien er naar aanleiding van uw bericht aanvullende informatie gewenst is, neemt de betreffende afdeling van het betreffende ministerie contact met u op.

Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd, meneer Flik.

Met vriendelijke groet,

Eva Schers

Publieksvoorlichter Informatie Rijksoverheid

Wij horen graag of u tevreden bent over onze reactie. U kunt hier deelnemen aan ons tevredenheidsonderzoek.

Mocht u naar aanleiding van dit bericht nog een vraag hebben of heeft u een andere vraag over de algemene wet- en regelgeving, dan kunt u hiervoor het contactformulier op onze website via onderstaande link gebruiken.

www.rijksoverheid.nl


Klik HIER voor alle Photosophieën

 

 

LA NEGRA TOMASSA

 
(Door Theo Uittenbogaard)
 
   
 
op 8 februari, barst het hele saaie eiland plotsklaps uit zn dak op de jaarlijkse DIA DE LOS INDIANOS. deze DIA (samenvallend met Rosenmontag of carnavalsmaandag in noordelijker streken) onleent zijn naam aan de INDIANOS. een lacherige benaming voor bruingeworden eilandgenoten, die zich als gastarbeider verhuurden op de suikerrietplantages van cuba en, begin 20ste, eeuw min of meer teleurgesteld -want niet rijk geworden- terugkeerden naar la palma en, vlakvoor de aanlanding in de haven van santa cruz, hun bruine kop wat wit poederden met meel, en hun beste -enige- witte kostuum aantrokken, en deden als ze aan land kwamen, alsof ze fortuin hadden gemaakt en met een dikke sigaar in hun hoofd, met een papagaai op hun schouder, met bankbiljetten goede sier maakten.
      dat gehele ritueel nu, wordt eenmaal sjaars hier in santa cruz op een dag -de DIA DE LOS INDIANOS- nagespeeld. letterlijk de GEHELE bevolking van la palma -met hoogfrequente pendelbussen gedurende 24 uur aangevoerd- begeeft zich dan IEDEREEN gekleed in het wit, met een panamahoed op, met een havana in het hoofd, met nepbankbiljetten puilend uit hun borstzakken, eventueel met een vilten papagaai op hun schouder, de dames in het lang met parasollen, sommige mannen met houten koffers op hun schouder, andere mannen vermomd als negerslavin LA NEGRA TOMASSA met kroeshaar, dikke rode lippen, gouden oorringen en een ENORME aangeplakte reet -zwartepietdiscussie ver te zoeken- naar de boulevard en binnenstad van SANTA CRUZ. waar alle verkeer is stilgelegd, waar, van gemeentewege verordonneerd, alleen oude cubaanse salsamuziek ten gehore mag worden gebracht, zodat de hele massa licht swingend in de heupen op en neer flaneert of gezellig danst, in de tussentijd langzaamaan verschrikkelijk dronkenwordend van rum-en-coca-cola, en mekaar intussen, onophoudelijk met een enorme hoeveelheid TALKPOEDER bestookt, zodat iedereen -net als vroeger- witbestoven als INDIANOS, steeds meer op elkaar gaat lijken. wat waarschijnlijk de diepere bedoeling is van carnaval.
 
(En dan te bedenken dat je hier bent voor je gezondheid)
 
Klik HIER voor alle bijdrages van Theo 
 
 

 

(Door Peter Flik, photosooph te Hongarije)

   

 
Klik HIER voor alle Photosophieën

 

 

BIJ DE RADIO AANGENOMEN

(Door Peter Flik, photosooph te Hongarije)

Was ik te jong? Ja
Onervaren? Ja
Vol goede moed? Nou ja…

Ik was onderwijzer en had het wel naar mijn zin op een vrij progressieve school in Utrecht. Alleen die kinderen, hoe moest je die aanpakken. Van alles geleerd op de toenmalige kweekschool. Schuifkrijt, solfège, didactische principes, figuurzagen, zang en dans en wat niet. Maar hoe om te gaan met wanhopige kinderen die de scheiding van hun ouders meemaakten. Daar was in de opleiding nooit iets over verteld. Ook niet hoe je houding moest zijn ten opzichte van uitgesproken domme of slimme kinderen. Ordening in hun levens aanbrengen, terwijl je zelf nog maar net daaraan toe was. Het was een prima baan, maar voor mij te zwaar.
      Er verscheen een advertentie van de V.P.R.O. Die omroep zocht iemand die schoolradioprogramma’s wilde maken. Een introductiegesprek, stemtest. Aangenomen.
      De eerste werkdag. Allereerste ervaring in radioland. Collega’s vroegen me of ik misschien wist hoe de kerst in dat jaar zou vallen. Ik had geen idee en begreep ook niet wat ze wilden weten. Pas na geruime tijd werd me dit duidelijk: zou de kerst op vrijdag en zaterdag vallen, dan hadden we drie vrije dagen aaneengesloten.
      Het werken voor de schoolradio was niet moeilijk, maar ik zag wel in dat dit werken in de luwte was. Het echte werk: nieuws, lezingen, documentaires, muziek, reportages, daar kon ik nog niet bij. Oudere collega’s waren daar zeer bedreven in en sommigen van hen lieten dat merken ook. Omroepster Mieke van Dillen schreeuwde me een keer toe dat ik niet moest denken als jonkie dat ik nog met iets nieuws kon komen, alles was al een keer gedaan.

        
    Kasteel Belvedere Wenen

Na een paar maanden waagde ik de stap naar het echte werk te maken, en zocht steun bij een vijf jaar oudere collega die op het punt stond naar Wenen af te reizen om verslag te doen van een politieke bijeenkomst ergens op een kasteel. Hij gaf mij instructies. Onberispelijk gekleed zijn. Naar de kapper. Apparatuur op compleetheid controleren. Ik zou me gedeisd moeten houden, hij zou het echte werk doen, daar kon ik dan wat van leren.
      Hotel te Wenen. De avond er voor niet de stad in gaan, niet drinken. Je inlezen. Hij gaf me knipselmap met zeker twintig bladen. Op mijn kamer studeren. Ik snapte er werkelijk geen hout van. Moeilijk Duits, onuitspreekbare namen, onbegrijpelijke verwijzingen. Een diepe slaap redde me.
      De volgende morgen met een taxi naar de plaats des onheils, zo voelde ik het. Zakdoek vergeten, alsmede schrijfgerei. Geen nood, de collega had er wel drie van. Tijdens de rit nog wat instructies. Nooit iemand bij zijn voornaam noemen of tutoyeren. Nooit directe vragen stellen, maar eerst aan een omweg beginnen. Het liefst niet gaan zitten maar blijven staan, een stoel houdt je vast. Niet opvallen.
      Bij binnenkomst in de grote spiegelzaal van het kasteel loop ik tegen een tafeltje. Tien glazen op de grond. Dit moet dus niet fluistert de collega. En dit ook niet bijt ik hem toe: een Oostenrijkse politicus komt op mij af en negeert mijn collega. Hij ziet dat ik een microfoon in de hand heb en de collega niet. Stellen Sie jetzt die Fragen, zegt hij vriendelijk tegen mij In mijn hoofd ontrolt zich een film. Politieagenten voeren mij af naar een somber gebouw met martelkamers. Tegelijk ben ik me er van bewust dat ik die film niet moet afwachten. De politicus wacht op mijn vragen. Vragen die ik niet heb en ook niet kan verzinnen. En die eerste omweg heb ik ook al niet. Welke kapper doet Uw haar, dat is het enige dat mij te binnen schiet. Maar dat kan je toch echt niet vragen. Mijn collega ziet in welk parket ik zit en grijpt in. Vielleicht Herr Schönbrunn Wartelegger können Sie uns erklären was der ÖVP…….

Het eind van de zin heb ik nooit gehoord. Werd wakker in een ambulance.

Terug in Hilversum vroegen collega’s hoe het was in Oostenrijk. Weihnachten fällt dieses Jahr auf Mittwoch und Donnerstag, antwoordde ik en zij wendden zich af.

 
Klik HIER voor alle Photosophieën

 

 

Schoorsteen in het niets

   

Deze enigszins angstaanjagende plek bevindt zich even buiten het plaatsje Puttershoek op het Zuid-Hollandse eiland Hoeksche Waard. Het ziet er al een aantal jaren zo uit. Sterker: het verloedert steeds meer. Ooit heerste hier grote bedrijvigheid, want er stond een mooie suikerfabriek. Maar in 2004 werd dat bedrijf gesloten en daarna werd bijna alles gesloopt. Bijna, want de schoorsteen bleef staan en ook de mechanische werkplaats daarachter bleef behouden.
           

 Als het aan de eigenaar van de fabriek -de Suiker Unie- en de provincie had gelegen zouden ook de schoorsteen en de werkplaats gesloopt zijn, maar de gemeente Binnenmaas waar Puttershoek onder valt, hield dat tegen. Zij besloot om deze fabrieksonderdelen een monumentenstatus te geven. De Suiker Unie, die hier een nieuw bedrijvencomplex wil inrichten, ging tegen dit besluit in beroep bij de Raad van State maar kreeg uiteindelijk niet haar zin.
       


Als je bedenkt dat dit monumentaal erfgoed is, zou er mischien ook iets aan onderhoud kunnen gebeuren. Nu staat het weg te rotten.

In Nederland waren rond 1900 zo’n dertig suikerfabrieken. De meeste in Noord-Brabant. Sanering en marktwerking -onder andere import van rietsuiker- zorgden er voor dat steeds meer fabrieken gesloten werden. Nu staan er nog maar twee in Nederland. Eén in West-Brabant tussen Dinteloord en Stampersgat en één in Hoogkerk, ten westen van Groningen.
       De Suiker Unie heeft tegenover de schoorsteen nog wel een specialiteitenfabriek waar basterdsuiker & poedersuiker worden geproduceerd.
     

 

©2016 Ronald van den Boogaard

 

Subcategorieën